Verwerkingsrichtlijnen
Verwerkingsrichtlijnen
Selecteer een of meerdere hoofdstukken om te downloaden.
Inhoudsopgave

Onderconstructie

De onderconstructie moet worden gepland en uitgevoerd volgens statische eisen (project- en locatiegebonden).

Stem vóór aanvang van de werkzaamheden de dimensionering en uitvoering van de onderconstructie, de ventilatie-openingen evenals de detailleringen van aansluitingen en beëindigingen (bijv. raam­aansluitingen, zijaansluitingen …) af met de ontwerper en de timmerman.

Ondergrond

PREFA-staande­naad­gevels moeten in principe op een volledig dragende ondergrond worden aangebracht. Eisen uit nationale normen en voorschriften moeten in acht worden genomen!
Let er zowel bij nieuwbouw als bij renovatie van bestaande gevels op dat de ondergrond voldoet aan de eisen voor de vakkundige verwerking van een PREFA-gevel met staande naad. Controleer de correcte uitvoering van de onderconstructie.

Volle bebording

Ongeacht nationale normen en voorschriften zijn de randvoorwaarden („minimumvereisten”) voor het leggen op volle bebording door PREFA als volgt gedefinieerd: 

  • Plankbreedte: 80–160 mm
  • Plankdikte: min. 24 mm (min. 22 mm in droge toestand)
  • Houtvochtigheid: max. 20%

Platen op houtbasis

Ongeacht nationale normen en voorschriften zijn de randvoorwaarden („minimumvereisten”) voor het leggen op platen op houtbasis door PREFA als volgt gedefinieerd: 

  • Dikte van de platen op houtbasis: min. 22 mm*
  • Bij het gebruik van platen op houtbasis is een scheidingslaag vereist.

*Bij afwijkende (lagere) plaatdikte moeten de dikte, de keuze van het bevestigingsmiddel evenals de statica  van de onderconstructie met de fabrikant van de platen op houtbasis worden afgestemd. 

OSB-platen als onderconstructie zijn speciale constructies en moeten als zodanig worden gepland.

Opmerking

PREFA raadt het gebruik van OSB-platen als onderconstructie voor metalen dakbedekkingen met of zonder scheidingslaag af.