Verwerkingsrichtlijnen
Verwerkingsrichtlijnen
Selecteer een of meerdere hoofdstukken om te downloaden.
Inhoudsopgave

Gootverbinding lijmen

Product

Verbindingen

Mastgoot 250

ca. 22

Mastgoot 280

ca. 19

Mastgoot 333

ca. 15

Mastgoot 400

ca. 12

Hanggootverbindingen met 1 tube speciale lijm

  • Het te lijmen oppervlak in het overlappende of te lijmen gedeelte met het meegeleverde schuurpapier schuren (afbeelding 1).
  • Dakgootuiteinden met het meegeleverde reinigingsmiddel schoonmaken. Wacht tot de verdampingstijd van 5 min. voorbij is (afbeelding 2).
  • Ongeveer 50 mm voor het einde van de goot met de speciale lijm van PREFA een lijmstreep van ca. 8 mm dik aanbrengen (afbeelding 3).
  • De goot in elkaar draaien, een klinknagel op de gootkraal plaatsen (afbeelding 4).
  • De afkanting aan de achterzijde sluiten. Als de lijmverbinding juist is aangebracht, moet de lijm aan de binnenkant zichtbaar worden (afbeelding 5).

Gootverbinding riveteren

  • Breng op het gereinigde en droge gooteinde, 50 mm voor het einde, een streep (ca. 8 mm dik) aan van de speciale siliconen van PREFA (afbeelding 1).
  • De dakgoot minimaal 80 mm in elkaar draaien en de afkanting aan de achterzijde sluiten (afbeelding 2).
  • Boorgaten voor klinknagels met Ø 4,1 mm instellen (afbeelding 3).
  • Met gepatenteerde klinknagels van 4 × 9,5 mm in kruissteek riveteren (afbeelding 4).
    • Mastgoot 250: 6 st. klinknagels per naad
    • Mastgoot 280 en mastgoot 333: 8 st. klinknagels per naad
    • Mastgoot 400: 10 st. klinknagels per naad
  • Klinknagels aan de binnenzijde extra afdichten (afbeelding 5).

Gootverbinding dilatatiemontage

  • Dilatatieafstand bij goot aan de buitenkant: hanggoot max. 12 m, dakgoot max. 6 m, in hoeken moet de dilatatieafstand worden gehalveerd. De verbinding kan worden gelijmd of gespijkerd (afbeelding 1 en 2).
  • Lage schuifnaad - het voegpunt van de goot wordt in het gedeelte van de trechteruitloop gevormd. Gooteinden 80 mm in elkaar schuiven en uitsnijden (niet riveteren!) (afbeelding 3).

Montage kopschot

  • Gooteinde voor kopschot 4 mm naar buiten duwen, oversteek tot de dakrand ca. 30 mm (afbeelding 1).
  • Kopschot aanslaan (afbeelding 2).
  • Vouw van het kopschot sluiten (afbeelding 3).
  • Afdichten met speciale siliconen of speciale lijm van PREFA (afbeelding 4).
  • Volledig gemonteerd kopschot vlak model (afbeelding 5).

Montage kopschot om te verlijmen

  • Het linker of rechter lipje met de hand afbreken, afhankelijk van aan welke kant het verlijmbare kopstuk moet worden gemonteerd (afbeelding 1).
  • Het te lijmen oppervlak met het schuurpapier schuren. Het oppervlak met het lijmreinigingsmiddel van PREFA schoonmaken en de verdampingstijd van 5 minuten afwachten. (Afbeelding 2)).
  • Een lijmstreep aanbrengen, het verlijmbare kopstuk in de kraal plaatsen en de dakgoot er indraaien (afbeelding 3).
  • Het verlijmbare kopstuk op de dakgoot drukken, zodat de snijrand niet meer zichtbaar is (afbeelding 4).

Montage trechteruitloop

  • Voor de trechteruitloop een opening markeren op het diepste punt van de goot conform het sjabloon (afbeelding 1).
  • Opening uitsnijden (afbeelding 2).
  • Opening 4 mm naar beneden drukken (afbeelding 3).
  • Trechteruitloop erin hangen (afbeelding 4).
  • Trechteruitloop aan de achterzijde van de goot vastmaken (afbeelding 5).